Zondag van de Elfde Week in de Gewone Tijd – Jaar B

Posté par diaconos le 8 juin 2021

Het kleinste van alle zaden, wanneer het groeit, overtreft het alle plantaardige planten

« C’est la plus petite de toutes les semences, mais quand elle grandit, elle dépasse toutes les plantes potagères »

De hel is een religieus concept en duidt een plek of bestaanssfeer aan waar men na de dood heen kan gaan en welke gekarakteriseerd wordt door een hoge mate aan fysieke en mentale pijn en lijden. In bijna alle religies is er sprake van de aanwezigheid van een of meer hellen. Het begrip hel komen we veel tegen binnen het christendom en de islam. Na te zijn gestorven, zouden de zielen naar het hiernamaals gaan. Conform de vroomheid, eerlijkheid, kuisheid en/of andere zaken wordt er door een hogere macht beslist of een ziel naar de hemel mag of dat deze naar de hel moet.
x
De hel is in die zin het tegenovergestelde van de hemel, namelijk een verblijf in afwezigheid van God. In de Hebreeuwse Bijbel wordt niet veel aandacht besteed aan een opstanding en leven na de dood. De oudste concepten spreken over de aartsvaders die « met hun voorvaders werden verenigd ». Het graf is het dodenrijk Sheol (Hebreeuws: שְׁאוֹל, ʃeʾôl) en het is zaak om op aarde goed te leven, want in het graf is alleen maar duisternis.[ Er is discussie over de betekenis en vertaling van Sheol. Dit concept van het hiernamaals maakt geen onderscheid tussen goede en slechte mensen. Het bestaan in Sheol is een bestaan van negaties, vergelijkbaar met dat van het Griekse schimmenrijk.
x
De overledenen leiden daar een schimmig bestaan, in afwachting van het oordeel. De Statenvertaling vertaalt meestal met ‘hel’ en soms met ‘graf’ en de NBG vertaling uit 1951 vertaalt met ‘dodenrijk’. Sheol wordt vaak genoemd in relatie tot het lot van de goddelozen. Vandaar dat oudtestamenticus Mart Jan Paul suggereert dat de vertaling met hel misschien te concreet is, maar wel beter de negatieve gevoelswaarde weergeeft dan ‘dodenrijk’. Ook Johannes Calvijn erkent in zijn Institutie dat ‘hel’ niet zelden als ‘graf’ opgevat kan worden. In het jodendom van na de Babylonische ballingschap kwam er een tweede begrip op dat verwijst naar een plaats waar doden verblijven: Gehenna (Hebreeuws: גהנום, gehinnom).
x
De aanduiding Gehenna is afgeleid van de « Vallei van Hinnom » die de oude stad van Jeruzalem, met een andere vallei, omringt. In het Hinnomdal bracht men in de tijd van de koningen kinderoffers Waar Sheol een wachtplaats is waar allen verblijven in afwachting van het oordeel, is Gehenna een veel negatievere plaats, die nochtans niet met de christelijke voorstelling van de hel kan worden gelijkgesteld, omdat bijvoorbeeld de duivel in de Hebreeuwse Bijbel niet voorkomt Pas in het zeer late boek Daniël (hellenistische periode) wordt gesuggereerd dat er een Dag des oordeels zal aanbreken: « Velen van hen die slapen in de aarde, in het stof, zullen ontwaken, sommigen om eeuwig te leven, anderen om voor eeuwig te worden veracht en verafschuwd ».
x
 lwf0003web.gif
# De gelijkenis van de zaaier (soms ook wel de gelijkenis van de aarde genoemd) is een gelijkenis van Jezus die voorkomt in Mattheüs 13:1-23, Marcus 4:1-20, Lucas 8:4-15 en het Evangelie van Thomas, logion 9. Jezus sprak over een boer die zonder onderscheid zaad zaait. Sommige zaden vallen op de weg zonder grond, sommige op rotsachtige grond met weinig grond, sommige op grond met doornen, en sommige op goede grond. In het eerste geval wordt het zaad weggespoeld; in het tweede en derde geval brengt het zaad geen oogst voort; maar wanneer het op goede grond valt, groeit het en brengt het dertig, zestig of honderd maal meer op.
x

Jezus legde aan zijn discipelen uit dat het zaad staat voor het Evangelie, de zaaier voor wie het verkondigt en de verschillende bodems voor de reacties van de mensen erop. Jezus heeft het over een boer die zonder onderscheid zaad zaait. Sommige zaden vallen op de weg zonder grond, sommige op rotsachtige grond met weinig grond, sommige op grond met doornen, en sommige op goede grond. In het eerste geval wordt het zaad weggespoeld; in het tweede en derde geval brengt het zaad geen oogst voort; maar wanneer het op goede grond valt, groeit het en brengt het dertig, zestig of honderd maal meer op.

Jezus legt later aan zijn leerlingen uit dat het zaad staat voor het Evangelie, de zaaier voor wie het verkondigt, en de verschillende bodems voor de reacties van de mensen erop. C In het evangelie van Marcus en Matteüs maken deze gelijkenis, de uitleg van het doel van de gelijkenissen, en de uitleg van de gelijkenis zelf deel uit van het derde of « parabolische » betoog, gehouden vanaf een boot op het Meer van Galilea. In elk verslag gebruikte Jezus de boot om de grote menigte bij het meer toe te spreken. In het Lukasevangelie wordt geen boot gebruikt om de preek te houden, maar Jezus presenteert de gelijkenis toch aan een grote menigte die uit « elke stad » bijeenkomt en laat de gelijkenis volgen door een vraag over het doel van de gelijkenissen en een uitleg van de gelijkenis van de zaaier zelf.

Terwijl de gelijkenis aan de schare werd verteld, werd de uitleg alleen aan de discipelen gegeven. Jezus zegt dat hij in gelijkenissen onderwijst omdat velen bezwaar hebben tegen zijn directe lessen. Hij citeerde Jesaja 6:9-10, die tot Israël predikte in de wetenschap dat zijn boodschap niet zou worden gehoord of begrepen, met het gevolg dat de zonden van de Israëlieten niet zouden worden vergeven en zij daarvoor door God zouden worden gestraft. Deze gelijkenis schijnt essentieel te zijn voor het begrijpen van al de andere gelijkenissen van Jezus, want zij maakt duidelijk dat wat nodig is om Jezus te begrijpen, geloof in hem is, en dat Jezus degenen die weigeren in hem te geloven, niet zal verlichten.

lwf0003web.gif

Het kleinste van alle zaden, wanneer het groeit, overtreft het alle plantaardige planten

Uit het Evangelie volgens Marcus

26 Hij zeide: De heerschappij Gods is gelijk aan een man, die zaad in de aarde werpt; 27 nacht en dag, of hij slaapt of opstaat, het zaad ontkiemt en groeit, hij weet niet hoe. 28 Uit zichzelf brengt de aarde eerst het gras voort, dan de korenaar, en ten slotte de volle korenaar. 29 En zodra de tarwe rijp is, steekt hij er de sikkel in, want de tijd om te oogsten is gekomen. « 30 Opnieuw zei hij: « Waarmee zullen wij het koninkrijk van God vergelijken? Welke gelijkenis kunnen we gebruiken om het uit te beelden ?

31 Hij is als een mosterdzaadje; wanneer het in de grond gezaaid wordt, is het het kleinste van alle zaadjes. 32 Maar als het gezaaid is, groeit het en ontgroeit alle voedselplanten; en het spreidt lange takken uit, zodat de vogels van de lucht hun nesten in zijn schaduw kunnen maken. « 33 Met veel van zulke gelijkenissen verkondigde Jezus hun het Woord, voor zover zij in staat waren het te horen. 34 Hij zeide tot hen niets zonder gelijkenis, maar legde alles in het bijzonder aan zijne leerlingen uit.  (Mc 4, 26-34)


Een kracht van leven

Waarmee kunnen we de heerschappij van God vergelijken ? Welk verhaal kunnen we gebruiken om het uit te beelden ?  Jezus, als een goede leraar, geeft ons een idee door ons twee korte verhalen te vertellen. De heerschappij van God kan vergeleken worden met een zaaier die zaad werpt op zijn akker. Dat zaad ontkiemt en groeit zonder dat hij weet hoe. De aarde zelf brengt de plant voort, de korenaar, en wanneer die rijp is, wordt hij geoogst. (Mk 4, 26-29).

Nu de akker is geprepareerd en het zaaien is voltooid, is de boer zeker van het resultaat, want hij weet uit ervaring dat het zaad zal ontkiemen en uiteindelijk vrucht zal dragen. Een goede oogst ligt in het verschiet na een goede verzorging van zijn akker. Het gedrag van deze man helpt ons het gedrag van God tegenover ons te begrijpen. God handelt als deze zaaier. Hij wacht geduldig op de tijd van de oogst, hij laat het zaad rijpen dat hij heeft gezaaid.

Het koninkrijk Gods is als een mosterdzaadje: wanneer het in de grond wordt gezaaid, is het het kleinste van alle zaadjes in de wereld. Maar wanneer het gezaaid is, groeit het en ontgroeit het alle groenten; en het spreidt lange takken uit, zodat de vogels van de lucht hun nesten in zijn schaduw kunnen maken. « Hier wordt dit kleine zaadje een torenhoge plant die alle groenten overtreft. Het is een prachtig beeld van Jezus’ optreden, dat tijdens zijn bediening onbeduidend kan hebben geleken. Maar Jezus is altijd aanwezig en actief onder ons.

In deze twee verhalen is het kleine zaadje het beeld van het Woord van God. Het Woord van God heeft een levenskracht in zich die het in staat stelt om spontaan vrucht te dragen. Tussen het Woord van God en onze ziel bestaat dezelfde affiniteit als tussen de aarde en het zaad. In beide gevallen kostte het tijd om tot rijpheid te komen. De zaaier was waakzaam en geduldig.

Als Gods koninkrijk groeit, moeten we de tekenen zien. Laten we ernaar streven hen in onze gemeenschap te herkennen. Heer Jezus, geef mij de kracht om geduldig te zijn en om uw woord van leven te durven voorstellen in de juiste omstandigheden waar ik leef.

Diaken Michel Houyoux

Links naar andere christelijke websites

◊  IDGP : klik hier om het artikel te lesen →  Gezinspastoraal Antwerpen

◊  Het enige Bijbels Fundament : klik hier om het artikel te lesen →  De Bijbel

   Henk van Zon en Hans Agteres : « Serie over de hel »

Image de prévisualisation YouTube

Laisser un commentaire

Votre adresse de messagerie ne sera pas publiée. Les champs obligatoires sont indiqués avec *

Vous pouvez utiliser ces balises et attributs HTML : <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

 

Salem alikoum |
Eazy Islam |
Josue |
Unblog.fr | Annuaire | Signaler un abus | AEP Gresivaudan 4ieme 2007-08
| Une Paroisse virtuelle en F...
| VIENS ECOUTE ET VOIS