Negenentwintigste zondag van de gewone tijd in jaar B

Posté par diaconos le 14 octobre 2021

Whoever wants to be great must be a servant

Wie onder u de eerste wil zijn, zal de slaaf van allen zijn

 

# Het ritueel van het katholiek doopsel is het eerste van de drie sacramenten van de christelijke inwijding, samen met de eucharistie (communie) en het vormsel. Voor mensen van redelijke leeftijd (kinderen en volwassenen) wordt het voorafgegaan door een periode van voorbereiding, het catechumenaat genoemd, waarin de toekomstige gedoopte, de catechumenus, het geloof ontdekt waarvoor hij of zij vraagt gedoopt te worden. Voor zuigelingen ondergaan de ouders een voorbereiding op het doopsel die hen helpt om de betekenis van dit sacrament te begrijpen. Voor volwassenen vindt het eigenlijke doopsel vaak plaats tijdens de Paasnacht.

Het doopsel dat beperkt blijft tot het uitgieten van water met de doopformule, zonder een van de andere aanvullende vormen, wordt het « niet-doopsel » genoemd. Het wordt vaak voorbehouden voor noodgevallen (levensgevaar). Zelfs als het canoniek geldig is, moet het daarna worden aangevuld met de andere plechtigheden, als er voldoende tijd is. Van oudsher werden in Frankrijk in de moderne tijd kinderen van de koninklijke familie en bloedvorsten bij de geboorte onbesmet en dus als zuigeling gedoopt.

Bloeddoop De katholieke kerk erkent het idee van de doop in het martelaarschap, ook wel  » bloeddoop  » genoemd. Iemand die niet met water is gedoopt maar omwille van zijn christelijke overtuiging is gestorven, wordt geacht te zijn gedoopt zonder het sacrament te hebben ontvangen. De  » impliciete doop van verlangen  » berust op de gedachte dat indien iemand oprecht, edelmoedig en oprecht is, men kan aannemen dat hij of zij, indien hij of zij Christus en het Evangelie had gekend, zeker het doopsel zou hebben aanvaard en dus gered zou kunnen worden.

De verplichting om zich te laten dopen wordt dus gehandhaafd, maar in feite gaat het om een erkenning dat het heil niet wordt verzekerd door de uitvoering van een rite, maar door de innerlijke houding: het impliciete doopsel van het heil maakt het mogelijk dat miljoenen of zelfs miljarden mensen die sommigen voor eeuwig verdoemd waanden, zich in het hiernamaals in dezelfde situatie bevinden als de gedoopten, gedoopt zonder het te weten.

De uitbreiding van de notie van de doop van het verlangen, en dus van de impliciete doop van het verlangen, impliceert een breuk met de theologie van Sint-Augustinus met de idee van een heil dat door Christus toegankelijk is gemaakt voor de gehele mensheid in tijd en ruimte en niet alleen voor de gedoopten, ook al was deze gedachte vanaf het begin van de Kerk aanwezig, aangezien de theorieën van Sint-Augustinus geen dogma van de katholieke Kerk vormden en nooit zijn toegelaten in de orthodoxe Kerken. Door de doop, worden alle zonden vergeven, de erfzonde en alle persoonlijke zonden, alsmede alle straffen die het gevolg zijn van de zonde.

In de gedoopte blijven echter enkele tijdelijke gevolgen van de zonde bestaan, zoals lijden, ziekte, dood, of de inherente zwakheden van het leven zoals zwakheden van karakter, alsmede de neiging tot zondigen die de Traditie concupiscentie noemt.

Uit het evangelie volgens Marcus

35 Jacobus en Johannes, de zonen van Zebedeüs, kwamen naar Jezus toe en zeiden tegen hem : « Meester, wat wij u gaan vragen, willen wij graag dat u voor ons doet. » 36 Hij zeide tot hen : Wat wilt gij dat ik voor u doe ?  » 37 Zij antwoordden hem : « Geef ons een plaats, een aan uw rechterhand en een aan uw linkerhand, in uw heerlijkheid. »

38 Jezus zeide tot hen : « Gij weet niet wat gij vraagt. Kunnen jullie de beker drinken die Ik ga drinken, gedoopt worden met het doopsel waarin Ik zal worden ondergedompeld ?  » 39 Zij antwoordden hem : « Dat kunnen wij. » Jezus zeide tot hen : De drinkbeker, dien Ik zal drinken, zult gij drinken, en gij zult gedoopt worden met den doop, waarin Ik zal worden ondergedompeld.

40 Wat het zitten aan mijn rechterhand of aan mijn linkerhand betreft, het is niet aan mij om dat te verlenen; er zijn er voor wie het is bereid. 43 Maar onder jullie zal het niet zo zijn. Wie onder u groot wil zijn, zal uw dienaar zijn.

44 Wie onder u de eerste wil zijn, zal slaaf van allen zijn ; 45 want de Mensenzoon is niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen, en zijn leven te geven als losprijs voor velen. (Mk 10, 35-45)

De ambitie van de volgelingen discipelen

En Jacobus en Johannes, de zonen van Zebedeüs, kwamen naar hem toe en zeiden: « Meester, wij zouden graag willen dat u alles doet wat wij u vragen. » (Mc 10, 35) Na de voorspelling die Jezus tot hen had gedaan, leek de toenadering van Jacobus en Johannes onbegrijpelijk, ware het niet dat het een bewijs temeer was dat zelfs de intelligentste discipelen deze voorspelling niet hadden begrepen.

Ondanks alle pijnlijke vooruitzichten die Jezus hun gaf, twijfelden de discipelen er niet aan dat hij in de nabije toekomst het hoofd zou zijn van een koninkrijk en een glorieus koninkrijk. Wat de verkeerde denkbeelden betreft die zij hadden, niets was beter geschikt om deze te verjagen dan de instructies die Jezus hun gaf.

Van deze twee beelden van het lijden van Christus, de beker en de doop, is alleen het eerste authentiek in Mattheüs. Als de beker, in de symbolische taal van de Schrift, de maat is van het goede of het kwade dat voor elke persoon bestemd is, dan is de doop een nog algemener en diepgaander beeld van het lijden waarin men in zijn totaliteit moet worden ondergedompeld, volgens de etymologische betekenis van het woord.

 Van deze twee beelden van het lijden van Christus, de beker en de doop, is alleen het eerste authentiek in Matteüs. Als de beker, in de symbolische taal van de Schrift, de maat is van het goede of het kwade dat voor ieder mens bestemd is, dan is de doop een nog algemener en diepgaander beeld van het lijden waarin wij in zijn totaliteit moeten worden ondergedompeld, volgens de etymologische betekenis van het woord.

Zo wees Jezus de twee leerlingen de weg naar de heerlijkheid en vroeg hun : « Kunnen jullie Mij daarheen volgen ?  » Bovendien zag hij het moment van het lijden als reeds aangebroken ; en Marcus laat het voelen, zoals zijn gewoonte is: de beker die ik drink, het doopsel waarmee ik gedoopt ben. In Mattheüs was het de moeder van Jacobus en Johannes, Salome, die het eerst dit verzoek voor haar zonen aan Jezus richtte, terwijl het volgens Marcus de twee discipelen zelf waren die het deden.

Mattheus voegt er aan toe: van mijn Vader; Markus’ gedachte is dezelfde. Alleen God bereidt een ziel voor op de hoge bestemming waarnaar de twee discipelen streefden. Om de eerzucht van zijn leerlingen de kop in te drukken, stelde Jezus de geest van zijn koninkrijk tegenover wat er in de koninkrijken van deze wereld gebeurde. Om dit te doen, gebruikte hij zeer veelbetekenende woorden. Ten eerste zei Hij over de vorsten van deze wereld die dachten dat zij regeerden, of zouden gaan heersen, of zich verbeeldden dat zij zouden gaan heersen.

Wat bedoelde Jezus hiermee? Volgens sommige uitleggers zou het betekenen dat deze vorsten vooral dachten aan het vestigen en doen gelden van hun gezag, een gezag dat de mensen erkenden. Anderen laten Jezus zeggen dat deze machtige mannen van de aarde een grote heerschappij schenen uit te oefenen, terwijl zij zelf slaven waren van hun hartstochten. Terwijl zij zich de opperste macht waanden, waren zij in absolute afhankelijkheid van God, door wie koningen regeerden?

 » Zij die zich verbeelden het volk te beheersen, tiranniseren het, en de groten onderdrukken het. » Toen Jezus in Jericho aankwam en met een grote menigte de stad verliet, begon een blinde man, Bartimeüs genaamd, uit te roepen: « Zoon van David, ontferm U over mij! Toen men hem wilde beletten Jezus te storen, riep hij nog luider : « Heb medelijden met mij !

Jezus stopte en riep de blinde, die snel opstond, zijn mantel uittrok en naar Jezus toe rende. « Wat wil je dat ik met je doe ? « vroeg Jezus hem. « Rabbouni, laat me weer zien. » Jezus zei tegen hem : « Ga heen, uw geloof heeft u gered. » En onmiddellijk herkreeg hij zijn gezichtsvermogen en volgde Jezus.

Diaken Michel Houyoux

Links naar andere christelijke sites

◊ Preek on line : klik hier om het artikel te lesen →   De negenentwintigste zondag, jaar B

◊ U heeft vragen : klik hier om het artikel te lesen →  Wie waren de twaalf  apostelen van Jezus Christus ?

Jezus volgen

 Image de prévisualisation YouTube

 

Laisser un commentaire

Votre adresse de messagerie ne sera pas publiée. Les champs obligatoires sont indiqués avec *

Vous pouvez utiliser ces balises et attributs HTML : <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

 

Salem alikoum |
Eazy Islam |
Josue |
Unblog.fr | Annuaire | Signaler un abus | AEP Gresivaudan 4ieme 2007-08
| Une Paroisse virtuelle en F...
| VIENS ECOUTE ET VOIS