• Accueil
  • > Archives pour le Vendredi 26 novembre 2021

Vendredi de la trente-quatrième semaine du Temps Ordinaire — Année B

Posté par diaconos le 26 novembre 2021

27 versets bibliques sur le retour du Seigneur Jésus

Michel Houyoux

     Michel Houyoux , professeur retraité du Collège saint Stanislas à Mons (Belgique) et diacre permanent

# Le Fils de l’Homme est une figure eschatologique en usage dans les milieux apocalyptiques judaïques dès la période post-exilique. Cette expression apparaît notamment dans le Livre de Daniel. Dans les évangiles, c’est le titre que reprend le plus souvent Jésus lorsqu’il parle de lui-même. Ces mots employés au temps de Jésus comme substitut linguistique pour « être humain » ou « homme », pour les pronoms indéfinis « quelqu’un » ou « on », et pour « je ».

x
Les interprétations auxquelles elle donna lieu dans le christianisme firent glisser le sens initial vers l’humanité de Jésus. Sa plus ancienne attestation remonte au septième chapitre du Livre de Daniel, daté de la persécution d’Antiochos Épiphane, peu avant la révolte des Maccabées (vers 160 av. J.-C.). Dans le Livre d’Ézéchiel déjà, Dieu s’adressa plusieurs fois au prophète en l’appelant « Fils d’homme », mais aucun sens ésotérique n’est ici attaché à l’expression.
x
On trouve plus de quatre-vingt passages dans le Nouveau Testament où Jésus de Nazareth se nomme lui-même « Fils de l’homme » (qui est équivalent à ‘Fils d’Adam’). C’est le titre qu’il employa le plus fréquemment lorsqu’il parla de lui-même à la troisième personne. Il se présenta comme le futur juge eschatologique.  Selon le premier verset du troisième chapitre du Livre de Malachie, la venue eschatologique de Dieu doit être manifestée par celle d’un ultime messager. La tradition juive attendait le retour d’Élie, la tradition chrétienne confie ce rôle de messager à Jean-Baptiste.
x
Lors de son entrée à Jérusalem le jour des Rameaux, monté sur un âne, monture royale, et en purifiant le Temple, Jésus s’identifia avec le Messie lui-même. La méthode de la Formgeschichte prouva que nous ne pouvons pas remonter plus haut que les témoignages (et confessions de foi des premiers chrétiens à propos de Jésus. Les premiers chrétiens identifient le « Fils de l’Homme » au Christ glorieux dont ils attendirent la parousie.
x
Le plus éloquent exemple de cet emploi se trouve dans le livre des Actes des Apôtres, 7 ,55-56 (discours d’Étienne devant le Sanhédrin au moment de son martyre). On attribua cette christologie primitive aux hellénistes : Jésus, le crucifié, fut intronisé dans le Ciel Fils de l’Homme et se manifestera bientôt comme tel par sa venue eschatologique.
x
Dans la théologie chrétienne ultérieure, le titre de « Fils de l’Homme » fut compris comme désignant l’humanité de Jésus, et le titre de « Fils de Dieu », sa divinité, dans le cadre de la doctrine chalcédonienne des deux natures. L’Apocalypse ou Apocalypse de Jean ou encore Livre de la Révélation, également appelé Révélation de Jésus-Christ (en grec ancien : Ἀποκάλυψις Ἰησοῦ Χριστοῦ) suivant les premiers mots du texte, est le dernier livre du Nouveau Testament.

x

 De l’Évangile de Jésus Christ selon saint Luc

En ce temps-là, Jésus dit à ses disciples cette parabole : « Voyez le figuier et tous les autres arbres. Regardez-les : dès qu’ils bourgeonnent, vous savez que l’été est tout proche. De même, vous aussi, lorsque vous verrez arriver cela, sachez que le royaume de Dieu est proche. Amen, je vous le dis : cette génération ne passera pas sans que tout cela n’arrive. Le ciel et la terre passeront, mes paroles ne passeront pas.»

L’avènement du Fils de l’homme

« De même vous aussi, lorsque vous verrez arriver ces choses, sachez que le royaume de Dieu est proche. » (Lc 21, 31) Matthieu et Marc ne parlèrent que du figuier ; Luc, qui connaissait moins bien la Palestine, ajouta : et tous les arbres. La plupart des arbres de la Palestine ne perdant pas leurs feuilles en hiver ne purent guère servir à marquer la différence des saisons. Dans Matthieu et dans Marc on lit : « Quand ces choses arriveront, sachez qu’il est proche, à la porte » Luc dit : le royaume de Dieu est proche ; il va être manifesté dans sa gloire, élevé à la perfection.

Luc, aussi bien que Matthieu et Marc, placèrent cette déclaration dans une partie du discours qui traite de l’avènement du Sauveur, tandis que, selon son sens évident, elle ne put concerner que la ruine de Jérusalem, qui eut lieu lors de la génération d’alors. Dans les évangiles de Matthieu, de Marc et de Luc, le discours prophétique de Jésus se termina par cette parole qui y mit le sceau d’une autorité divine : « Le ciel et la terre passeront« 

De ces grands événements futurs, Jésus ramena la pensée des disciples sur eux-mêmes et sur la vie morale et religieuse qui dut les y préparer. Deux pièges leur furent tendus : les voluptés charnelles qui appesantissent le cœur et les soucis de la vie. Jésus les signala aussi ailleurs.

Liens avec d’autres sites chrétiens

◊ Dom Armand Veilleux de l’Abbaye de Maredsous 5belgique) : cliquez ici pour lire l’article → HOMÉLIE POUR LE VENDREDI DE LA 34ÈME SEMAINE DU TEMPS ORDINAIRE 

◊ Père Gilbert Adam :  cliquez ici pour lire l’article  →Vendredi de la 34e semaine, année impaire


L’avènement du Fils de l’homme – YouTube

Image de prévisualisation YouTube

Publié dans Religion | Pas de Commentaire »

Eerste Adventszondag van het jaar C

Posté par diaconos le 26 novembre 2021

PREMIER DIMANCHE DE L'AVENT DE L'ANNEE C dans Catéchèse

# Parousia betekent letterlijk « daar zijn » of « naast zijn » (Oudgrieks παρουσία parousía « aanwezigheid », van παρά pará « [daar] bij, [daar] naast » en ουσία ousía « [daar] zijn, wezen ». In de Hellenistische filosofie duidde het woord oorspronkelijk op de effectieve aanwezigheid van godheden en heersers. Plato gebruikt het om de aanwezigheid van ideeën in dingen aan te duiden.

In de Bijbel en in het christendom wordt de eschatologische wederkomst van Jezus Christus, adventus Domini (Latijn voor « komst van de Heer »), parousia genoemd. Het woord parousía komt 24 keer voor in de Griekse Schrift van het Nieuwe Testament. In de christelijke theologie wordt het uitstel van de wederkomst van Christus de parousia genoemd. Het wordt in verschillende geschriften van het Nieuwe Testament besproken en op verschillende manieren geïnterpreteerd. Inhoudsopgave Wie wordt er veroordeeld?

Sinds het begin van het christendom hebben gelovigen zich herhaaldelijk afgevraagd of alle mensen voor de rechter moeten verschijnen. Theologen hebben hun antwoorden altijd gebaseerd op twee passages in de Bijbel die verschillende informatie geven. In het evangelie van Matteüs wordt alleen onderscheid gemaakt tussen de goeden en de slechten. Allen zullen bij het laatste oordeel worden geoordeeld naar hun daden en dan òf naar het paradijs òf naar de hel worden gezonden.

Volgens de bewoordingen heeft deze passage echter betrekking op « de volkeren », d.w.z. op mensen aan wie het Evangelie nog niet is verkondigd. Deze mensen worden beoordeeld op basis van de vraag: Hebben zij de daden van liefde gedaan ? De norm is anders voor hen die ruimschoots de gelegenheid hebben gehad Jezus Christus te leren kennen: In dit verband wordt het Laatste Oordeel beschreven in het Evangelie van Johannes.

Hier ontkomen de volgelingen van Jezus, de gelovigen en de bekeerlingen aan het oordeelx: « Ik verzeker u: allen die naar mijn woord luisteren en vertrouwen op hem die mij gezonden heeft, zullen eeuwig leven. Zij zullen niet veroordeeld worden. Zij hebben de dood al achter zich gelaten en het onvergankelijke leven bereikt. » (Johannes 5:24 EU) Parousia uitstel De Jezusbeweging werd gekenmerkt door een sterk gevoel van naderende verwachting. De komst van Jezus werd bijna ieder uur verwacht.

De eerste generatie christenen leefde in de hoop de komst van het koninkrijk van God in hun eigen leven mee te maken (1 Thess 4:13-17 EU). Het feit dat sommige christenen stierven voordat de parousia plaatsvond, is voor Paulus aanvankelijk een uitzondering. Toen het aantal sterfgevallen toenam, moest Paul reageren. In 1Kor 15,51 e.v. gaat hij er waarschijnlijk al van uit dat de meesten zullen sterven vóór de parousia, maar dat sommigen die waarschijnlijk zullen meemaken.

In 2 Kor 5:1-10 EU lijkt een toenemende vertraging op te treden. Hieruit ontwikkelt Paulus het idee dat iedere christen bij zijn dood een veranderd lichaam ontvangt en dat de komst van Jezus in de verre toekomst ligt.

Bereid de weg van de Heer voor.

Johannes de Doper is een belangrijk man in het Christendom en de Islam. Historisch gezien wordt zijn bestaan bevestigd door een passage in Flavius Josephus, en was hij een Joodse prediker in de tijd van Jezus van Nazareth. In het evangelie van Johannes is de bediening van de Doper gesitueerd aan de oevers van de Jordaan en in Bethanië aan gene zijde van de Jordaan. Jezus woonde er een tijdlang met zijn gevolg en rekruteerde er zijn eerste apostelen. In de synoptische evangeliën wordt het begin van Jezus’ bediening gesynchroniseerd met de gevangenneming door Johannes.

Het publiek van deze apocalyptische profeet groeide gestaag en lokte zelfs de reactie uit van Herodes Antipas, die, toen hij zag hoe hij zijn volgelingen om zich heen verzamelde, vreesde dat hij een opstand zou uitlokken. In de Synoptische Evangeliën wordt Johannes de Doper terechtgesteld wegens kritiek op Antipas’ huwelijk met Herodias. In het Christendom is Johannes de Doper de profeet die de komst van Jezus van Nazareth aankondigde. Hij doopte hem aan de oevers van de Jordaan en liet enkele van zijn discipelen achter om hem te vergezellen.

In de Synoptici wordt hij afgeschilderd als de voorloper van de Messias en deelt hij veel kenmerken met de profeet Elia. De rooms-katholieke kerk verklaarde hem heilig en wijdde twee feesten aan hem: 24 juni ter herdenking van zijn geboorte, zes maanden voor Kerstmis, om overeen te stemmen met het kinderverhaal in het Evangelie van Lucas, en 29 augustus ter herdenking van zijn onthoofding.

De Mandanese religie maakt hem tot haar belangrijkste profeet. De Islam beschouwt hem als een profeet die afstamt van ‘Imrān. De figuur van Johannes de Doper duikt toevallig op in het achttiende boek van de Joodse Oudheden, dat verwijst naar een oorlog tussen koning Aretas IV van Petra (koning van de Nabateeërs) en Herodes Antipas, als gevolg van een geschil over de opvolging na de dood van Filippus de Tetrarch in 33-34.

Volgens Flavius Josephus werd Johannes de Doper om politieke redenen terechtgesteld: Als volksfiguur stond Johannes in de schaduw van Herodes Antipas en kon hij zijn invloed op de menigte aanwenden om een opstand tegen de heersende macht uit te lokken. Voor Peter Geoltrain plaatst dit beknopte verslag de beweging van Johannes de Doper in de geschiedenis, in de geschiedenis van opstanden aangewakkerd door opstandelingen zoals Judas de Galileeër bij de dood van Herodes de Grote (vader van Herodes Antipas en Filippus de Tetrarch), of door verlichte profeten die menigten op de been brachten in afwachting van wonderen, of zelfs door obscure aspiranten naar het koningschap.

Het Evangelie van Johannes getuigt van de rivaliteit tussen de beweging van Jezus’ discipelen en de Doopsgezinden die hem niet als Messias erkenden toen het in de jaren 90-100 werd geschreven. Verscheidene bronnen getuigen dat de groepen die de Doper vereerden en hem als de Messias beschouwden voor sommigen volhardden en de controverse voortzetten :« Wie, Jezus of Johannes, is de grootste ? « 

De Mandaeïsche gemeenschap, bestaande uit Baptisten, was de eerste om het voortouw te nemen in het debat. De Mandaeïsche gemeenschap, bestaande uit volgelingen van Johannes de Doper, zag hem als de vijand van Jezus Christus.

Uit het Evangelie volgens Lucas

25 « Er zullen tekenen zijn aan de zon en aan de maan en aan de sterren. Op aarde zullen de volkeren door elkaar geschud en in verwarring gebracht worden door het gebulder van de zee en de golven. 26 De mensen zullen sterven van angst in afwachting van wat er met de wereld zal gebeuren, want de machten van de hemel zullen door elkaar geschud worden. 27 Dan zal men de Zoon des mensen zien komen in een wolk, met grote macht en heerlijkheid. 28 Wanneer deze gebeurtenissen beginnen, richt u dan rechtop en hef uw hoofden omhoog, want uw verlossing is nabij. 28 Wanneer deze gebeurtenissen beginnen, richt u dan op en hef uw hoofden omhoog, want uw verlossing komt eraan  » .

35 Als een net zal het vallen over alle bewoners van de gehele aarde. 36 Blijf wakker en bid altijd, dan zult u de kracht hebben om te ontkomen aan alles wat komt en om te staan voor de Mensenzoon « . 37 Hij bracht zijn dagen door in de tempel om te onderwijzen, maar zijn nachten bracht hij door in de open lucht op de plaats die de Olijfberg wordt genoemd. 38 En al het volk kwam tot hem in den tempel om hem te hooren. (Lc 21, 25-28,34-36)

De komst van de Zoon des Mensen

Nadat de tijden der heidenen waren vervuld, verschenen in de gehele natuur de gevreesde verschijningen, die de komst van de Zoon des mensen aankondigen. Lucas heeft ze nog levendiger beschreven dan Mattheüs en Marcus ; hij heeft de verschrikkelijke gevolgen ervan beschreven : de benauwdheid van naties die niet wisten wat te doen, het gevolg en het embleem van kosmische omwentelingen; de zielen van mensen die doodsbang zijn voor de naderende oordelen van God.

De gebeurtenis die de wereld heeft verschrikt, is een voorwerp van onuitsprekelijke vreugde geweest voor het volk van God. Hoog boven, die ogen neergeslagen naar de aarde, die hoofden gebogen onder het gewicht van verdriet : zie de verlossing! In plaats van deze bemoedigende vermaning, die eigen is aan Lucas, vermelden Mattheüs en Marcus de zending van Gods engelen om de uitverkorenen, die over de aarde verspreid zijn, te verzamelen.

Van deze grote toekomstige gebeurtenissen richtte Jezus de gedachten van de discipelen op zichzelf en op het zedelijke en godsdienstige leven dat zij aan het voorbereiden waren. Twee strikken waren voor hen bereid: de vleselijke genoegens die het hart belasten, en de zorgen van het leven.

Op die dag, de grote dag van de aangekondigde komst van Jezus, die in de Schrift wordt voorgesteld als het voorwerp van een algemene verrassing, richtte Jezus deze woorden tot zijn discipelen van alle tijden. Hij wilde dat zij die dag met heilige waakzaamheid zouden afwachten, alsof die dag hen ieder ogenblik zou kunnen verrassen; vandaar de onwetendheid waarin Jezus hen achterliet over het uur van zijn komst. De vroege Kerk leefde in de verwachting van Christus’ spoedige wederkomst, en deze verwachting blijft de ware gezindheid van de christen, vooral omdat hij het uur van zijn dood niet kent.

In de dagen dat Jezus in de tempel onderwees, trok hij zich ‘s nachts met zijn leerlingen terug op de Olijfberg, hetzij om zich te bezinnen en uit te rusten, hetzij omdat hij niet langer veilig was in de stad, waar zijn vijanden, die reeds tot zijn dood besloten hadden, hem bespioneerden of probeerden gevangen te nemen.

Diaken Michel Houyoux

Links naar andere christelijke websites

◊ Katholisch (Deutscland) : Klicken Sie hier, um den Aretikel zu lesen → Das bedeuten die vier Adventssonntage

◊  Pfr. Klaus Mucha : Klicken Sie hier, um den Aretikel zu lesen →   1. Adventssonntag (C) 

Is er leven na de dood ? Hoe kan ik behouden worden ?

Image de prévisualisation YouTube

Publié dans Catéchèse, comportements, La messe du dimanche, Page jeunesse, Religion, Temps de l'Avent | Pas de Commentaire »

 

Salem alikoum |
Eazy Islam |
Josue |
Unblog.fr | Annuaire | Signaler un abus | AEP Gresivaudan 4ieme 2007-08
| Une Paroisse virtuelle en F...
| VIENS ECOUTE ET VOIS